zondag 9 oktober 2016

2016-10-09 Alles onder de 7 meter is dood.

Weer     : Licht bewolkt Wind NW 2 bft.
Duikers : Rob, Axel 
Doel     : Metingen, mosselen op bodem bekijken.
Duur    :  72 minuten
Lucht temp  : 14 Celsius
Water temp :  11 Celsius minimum.
Fauna    : 1 paling, middelgrote baarsjes in kleine schooltjes. Vissers hebben slechts 2 brasems gevangen tussen de 10 en 14 meter.
Flora :   Voornamelijk nog waterpest.en wat Schedefonteinkruid boven de 3 meter diepte. 

Thermocline: Op 8-9 meter die van 15 naar 11 gaat.
Vislood: 0 gram 

Zichtmetingen 
·  Dutchi op 3 mtr =   2,0 meter.
·  Secchi op 3 mtr =  2,0 meter.
·  Dutchi op 6 mtr =   2,0 meter.
·  Secchi op 6 mtr =  2,5 meter.
·  Dutchi op 9 mtr =   3,0 meter.
·  Secchi op 9 mtr =  3,5 meter.
·  Secchi verticaal =  3,8 meter (met duikmasker)
-  Secchi verticaal =  3,5 meter (Normale Secchi meting)

Forel-Ule waterkleur
Omstandigheden  = Licht bewolkt
Tijdstip meting = 12:00 uur
Schaal strip = 12  

Rond 26 september heeft men vanuit de Geniedijk vaart weer water in de plas gepompt.

Zie het log voor de details.
Zie alle foto's van deze duik.

Opmerkingen:

Het voorspelt niet veel goeds
Rob heeft zijn set al opgebouwd als ik arriveer op de parkeerplaats op een heerlijk licht bewolkte dag.
De berichten van andere duikers voorspellen weinig goeds. Slecht zicht wordt ons verteld.
Dat gaan we dan maar eens meten. De laatste keer dat ik in de Bosplas dook was drie weken geleden op 18 september. 

Inderdaad ziet het water er vanaf de oppervlakte er wat groenbruin uit, maar de bodem is wel zichtbaar gelukkig. 
Na de standaard check van ons materiaal gaan we op weg en inderdaad, lijkt het wel of we door melkglas heen kijken. Ik zie ook weer groene vlokjes zweven, maar dat was vorig jaar ook zo.
Om even een standaard watervlo check te doen hou ik de lichtbundel van mijn lamp voor me en ik zie gelukkig genoeg activiteit van watervlooien en roeipootkreeftjes.

Onder het paviljoen schieten wat jonge baarzen in een klein schooltje weg. Zo eerst de SETL platen fotograferen en zo te zien gaat de groei daarop wel goed. We meten een temperatuur van 16 Celsius op 1 meter diepte.

SETL helemaal gevat in zoetwatermosselen.

Wat is er gebeurd?
Op MP2 Spons zijn genoeg actieve hydroïdpoliepen te zien. De spons is helaas allang verdwenen, maar ik blijf dat plekje fotograferen, want de spons is al een keer eerder teruggekomen.
We meten hier 15 Celsius. Maar dan zakken we van 6 naar 7 meter en precies op die diepte is een dramatische overgang te zien van leven naar dood. De lijn is scherp en zien we verder op meerdere plekken.Met name het stokje met mosselen wat zich precies op de grens bevind van 7 meter is echt opvallend.
Rob doet zichtmeting op 9 meter


Grens op de meetpaal

Grens op een tak

Het is bizar om te zien want 3 weken geleden waren er nog wel wat levende mosselen te vinden onder de 9 meter diepte zelfs, maar nu is er echt geen (macro) levende ziel te ontdekken en alles ligt onder een dikke grijze deken van dood organisch materiaal. 
Als voorbeeld zijn dit de foto's van Station MP3 op 9 meter diepte van 2013 tot nu.
Daar is te zien dat 2016 het eerste jaar met dit effect op mosselen sinds de start van onze metingen en het maken van foto's.
Kijk ook naar de temperaturen die wat zeggen 


Eerste jaar zonder watercirculatie

Vanaf 1 augustus tot eind augustus watercirculatie ivm Cyanobacteriën.

Gehele seizoen watercirculatie op 1/4 capaciteit.

Geen watercirculatie systeem meer.

Voorzichtige conclusie:
2013 de eerste pilot zonder circulatie en je ziet dat de mosselgroei beperkt is ten opzichte van 2014 en 2015,  echter was er toen geen cyanobacterie waarschuwing geweest.
In 2014 is er begin augustus wel verhoogde concentraties bacteriën gemeten en men is toen direct gestart met watercirculatie. Dat heeft de mosselpopulatie gered.
In 2015 gehele seizoen watercirculatie zei het op beperkte capaciteit de temperatuur is hoger en de mosselen doen het beter.
2016.Geheel zonder watercirculatie en met een serieuze Cyanobacteriën uitbraak in september zorgt uiteindelijk voor dood en verderf onder de 7 meter diepte. 
Dode blauwalgen in de bovenste laag slaan uiteindelijk als een dikke verstikkende sneeuw neer op de bodem. Door de afbraak van het dode organisch materiaal wordt er zuurstof verbruikt. Door vorming van de scherpe spronglaag, worden lokale waterchemische eigenschappen onder een spronglaag door de afbraak van organisch materiaal veranderd en geïsoleerd.
Als daarna ook nog een mosselsterfte plaatsvindt dan moet dat ook weer biologisch afgebroken worden.

Waterchemie.
Harry van Goor kom ik nog tegen na de duik en die vertelde mij dat hij onlangs een watermonster van 10 meter diepte heeft genomen, welke een PH van boven de 9 had en een DO2 (opgeloste zuurstof gehalte) van 3,8 mg/Liter. 
Vissen (afhankelijk van de soort) hebben minimaal 5 mg/Liter opgeloste zuurstof nodig.
Die PH ligt in het oppervlakte water waar Harry zijn metingen doet op 40 cm diepte even de 9 haalde en dat is te hoog geweest. Als je dat afzet tegen de waarden van vorig jaar, dan zie je het verschil. Groen is 2016, blauw is 2015.
Bron: http://onderwaterfauna.nl/hb.htm
Er zijn ook pieken in nitraat en nitriet te zien en of dat een verband houdt met het inlaten van water uit de Geniedijk om het waterpeil omhoog te brengen, is de vraag.
Wat wel toeval is, is dat in de week 38 en 39 er water in gelaten is en toevallig schiet dan ook de NO2 waarde omhoog. Dat het niet altijd slecht zicht tot gevolg heeft laat het log zien.
Het wordt een kwestie van het meten van NO2 en NO3 in de vaart van de Geniedijk en bij de sloot van waaruit water weer in de plas wordt gepompt vanuit de spartelvijver.


Bron: http://onderwaterfauna.nl/hb.htm

Waar die pieken vandaan komen gaan we uitzoeken, maar ik hoop stelling dat het Waterschap in 2017 weer een watercirculatie systeem gaat plaatsen, om dit soort problemen te voorkomen.

Nevelen
Soms heb ik moeite met navigeren in de Zuidwest hoek, want ik vergis me daar telkens in.
We passeren 4 vislijnen die allemaal dieper liggen dan 7 meter en zelfs de lijnen zijn al bedekt met neerslag, terwijl ze er nog niet zo lang liggen, dus dat zegt al genoeg.
Terwijl ik NNO aanhoud gaan we ineens omhoog?? Oh jee ik snap 'm al. We zijn al een flinke tijd de kom in gezwommen en komen nu bij de versmalling uit. Sorry! 
Nu pal Noord aanhouden op 10 meter diepte, want ik heb geen zin om weer naar 14-15 meter diepte te gaan. We zwemmen en we zwemmen pffff er komt geen einde aan. Mijn gevoel zegt dat we maar eens wat moeten stijgen en we gaan naar 9 meter.
Net daarboven zijn prachtige nevels te zien en je waant je ergens diep in het heelal.
Het daglicht prikt en maar krap aan doorheen.


Nevels op 7-8 meter
Voor de rest zien we niks, maar eenmaal boven die 7 meter zien we weer krioelende watervlooien.
De bodem zien we niet en prompt zwemmen we een paar kleiblokken tegemoet die ineens opdoemen. Stukje naar rechts en daar is de slangenkop!
Even een stopje op 6 meter en op 3 meter en dan langzaam naar de oppervlakte.

Flip, Rob en Gerard staan net op het punt om met hun onderwater scooters op pad te gaan.
Ze willen de neus van de scooters niet bekrassen, maar met zulk zicht wordt dat een leuke uitdaging.

Voordeel van het slechte zicht is dat je lekker snel klaar met meten. 
Rob ontzettend bedankt voor de leuke duik!


Nu maar zien of en hoe snel dit hersteld.

Dooie boel op 13 meter.

















Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen